Ook baby’s hebben de behoefte om als een zelfstandig mens gezien te worden, met een eigen naam, persoonlijkheid, identiteit en talenten. Het is daarom belangrijk om een baby ook zo te zien en zo te behandelen. Ook baby’s zijn al op zoek naar autonomie. Bij het geven van de voeding gaat uw baby op zoek gaat naar bewegingsvrijheid om zijn voorkeurshouding aan te nemen. Door de baby het gevoel te geven dat het mag zijn wie het is en dat het er toe doet wat hij wil, krijgt hij het vertrouwen in zichzelf. Daardoor durft hij weer verdere stappen te zetten. Respect voor autonomie staat in ons pedagogisch beleid als basisbehoefte, naast relatie en competentie.

Wat doen wij op het kinderdagverblijf?

We tonen respect voor de autonomie van de baby op verschillende manieren. Bij het respectvol aanraken en verzorgen, actieve betrokkenheid, oog voor de initiatieven en het zelf laten ontdekken.

Respectvol aanraken en verzorgen doen we door de door de baby voor te bereiden op wat er gaat komen. Bij een vieze neus, maken we eerst oogcontact en zeggen we: ‘Ik zie dat je een vieze neus hebt, ik ga hem even schoonmaken’. Vervolgens wachten we op de reactie van de baby (oogcontact, herkenning of een glimlach) en maken het neusje schoon. Het is belangrijk om de baby tijd te geven om te reageren en niet direct over te gaan op actie. Bij alles wat we met de baby gaan doen, bereiden we hem eerst voor.

We proberen baby’s actief te betrekken bij activiteiten en verzorgingsmomenten. Wat ze zelf kunnen, mogen ze ook zelf doen. Door te zeggen wat we gaan doen, gaat het vanzelf samenwerken. Bijvoorbeeld na de aankondiging: ‘we gaan even je broek aantrekken’, werkt het mee door zijn beentje op tillen. Dit initiatief bevestigen we door te glimlachen of te benoemen ‘wat fijn dat je zo goed meewerkt’.

We hebben oog voor initiatieven van kinderen en spelen daarop in. We zien wat de baby wil en reageren hierop door het te benoemen of aan te wijzen en het te geven aan het kind. Kijkt een baby naar een bal buiten zijn bereik, dan vragen we of hij met de bal wil spelen. Aan de reactie is het antwoord vaak te zien en vervolgens geven we de bal aan de baby.

We laten baby’s ook zelf keuzes maken. Aan tafel vinden we het belangrijk dat ze zelf kunnen kiezen wat ze eten en hoeveel, natuurlijk allemaal binnen grenzen. Of ze mogen zelf hun speelgoed pakken en bepalen hoe ze hiermee spelen. Een onderdeel van autonomie is namelijk ook dat kinderen zelf mogen ontdekken. Als de baby het speelgoed met de mond ontdekt, laten we de baby zijn gang gaan. De mond is voor baby’s namelijk hét middel om de wereld te verkennen.

Wat kunt u thuis nog meer doen?

Blijf kijken wat uw kind al zelf kan en waar het hulp bij nodig heeft. Laat het zelf proberen en reageer daar positief op. Dat stimuleert het zelfbeeld van uw kind. Als uw kind zelf probeert te drinken of te eten en het lukt niet meteen, kunt u zeggen: ‘goed zo, je bent er bijna, probeer nog een hap of slok’. Als het lukt, zal uw kind trots zijn op de eigen prestatie. Als u ziet dat het moeilijk gaat, zal uw kind blij zijn als u helpt. Het gaat erom dat uw kind het gevoel heeft, dat hij het ‘selluf’ heeft gedaan. Als u uw baby die ruimte geeft, zal hij u verbazen!

Zo ziet Emmi Pikler het voor zich.

Verbazing gemist?

Baby’s blijven verbazen, vorig artikel